Rendra, Khotbah

Willibrordus Surendra Broto Rendra (1935-2009)


Blues voor Bonnie

Pustaka Jaya, 1971
📌 Hoe vertalen we dit? Klik hier op voor de Indonesische tekst

De dienst



Fantastisch.
Op een hete zondagmiddag
in een kerk vol met zijn mensen
staat een jonge priester op de kansel.
Zijn gezicht is mooi en zuiver
zijn ogen zijn zoet zoals de ogen van een konijn
en hij verheft zijn beide handen
die rein en fijn als lelies zijn
vervolgens zegt hij:
"Nu gaan we uiteen.
Er is vandaag geen dienst."

De mensen vertrekken niet.
Zij blijven dicht opeengedrongen zitten.
Er zijn er ook veel die staan.
Ze zijn stroef. Willen zich niet bewegen.
Hun ogen vorsen vragend.
Hun monden wijd open
stoppen het gebed
maar willen echt luisteren
vervolgens hijgen en stoten zij allemaal gelijktijdig met vreemd geluid uit hun mond
links en rechts stinkt het sterk
dat onmiddellijk moet worden bedwongen
"Zie dan ik ben nog jong.
Laat me waken over mijn geest.
Ga alstublieft uiteen.
Sta toe dat ik eer de heiligheid.
Ik zal weer teruggaan naar het klooster
overpeinzen de schoonheid van het goddelijke."

De mensen hijgen weer.
Gaan niet weg.
Hun gelaat is zichtbaar ellendig.
Hun ogen vragend.
Hun mond wijd open
heel behoeftig horend.

"Deze mensen vragen om een leider. God beware.
Lieve God, waarom verlaat U me op dit uur.
Als een roedel wolven die lui en hongerig zijn.
hun muilen wijd opengesperd.
De lucht is heet. En ik doe het in mijn broek.
Vader. Vader. Waarom heb je me verlaten."

De mensen blijven stil zitten.
Hun gezichten nat.
Hun haren nat.
Hun hele lichaam nat.
Zweet gutst op de vloer
vanwege de hete lucht
en van ellende zijn zij gespannen.
De bedorven geur is buitengewoon.
En ook hun vragen stinken zelfs.

"Mijn vrienden, kinderen van de Vader in de hemel.
Dit is mijn dienst.
Laat het mijn eerste dienst zijn.
Het leven is inderdaad zwaar.
Donker en zwaar. De ellende veel van aantal.
Dus in dit leven.
verstandig leven is ra-ra-ra,
ra-ra-ra, ra-ra-ra, hum-pa-pa, ra-ra-ra.
Kijk naar de wijze van tuinhagedissen
schepsel van God dat ook door hem wordt geliefd.
Plat liggend op de grond.
Omdat, zichtbaar:
Zijn ziel beklemd onder stenen.
Groen.
Beschimmeld.
Als de tuinhagedis ra-ra-ra.
Als de zwarte schorpioen hum-pa-pa."

De mensen roepen gezamenlijk:
Ra-ra-ra. Hum-pa-pa.
Ra-ra-ra. Hum-pa-pa.
Met een donderend geraas stemt de hele kerk:
Ra-ra-ra. Hum-pa-pa.
Ra-ra-ra. Hum-pa-pa.

"Aan het mannelijk volk dat van het geweer houdt
die de banier van de waarheid plaatsen aan het scherp van hun bajonet
vraag ik om aandacht
dat lu-lu-lu, la-li-lo-lu.
Lu-lu-lu, la-li-lo-lu.
Til uw neus hoog op.
Zodat jullie niet zien wie dat jullie vertrappen.
Daarom zo li-li-li, la-li-lo-lu.
Maak je handen schoon van het bloed
opdat ik niet beef
dan kunnen we thee zitten drinken
onder het praten over het lijden van het volk
of de essentie van leven en dood.
Het leven is gevuld met leed en zonde.
Het leven is een tactische list
La-la-la, li-li-li, la-li-lo-lu.
La-la-la, li-li-li, la-li-lo-lu.
Dus laten we de zon schieten
Wij richten heel precies."

Opgewonden reageren de mensen samen:
La-la-la, li-li-li, la-li-lo-lu.
Zij staan op. Stampen met de voeten op de vloer.
Dreunen chaotisch en in de maat.
Hun stem één:
La-la-la, li-li-li, la-li-lo-lu.
Opgaand in een hechte eenheid
schreeuwen zij samen
precies en harmonisch:
La-la-la, li-li-li, la-li-lo-lu.
La-la-la, li-li-li, la-li-lo-lu.

"Dus nu komen we weer tot leven.📌
Het bloed stroomt al kolkend.
In het hoofd. In de nek. In de borst.
In de buik.
En in andere delen van het lichaam.
Kijk, van het leven trillen mijn vingers.
Dat bloed bong-bong-bong.
Bloed leeft bang-bing-bong.
Het bloed leeft met bang-bing-bong-bong.
Leven is feestvieren.
Bloed mengt zich met bloed.
Bong-bong-bong. Bang-bing-bong.
Bong-bong-bong. Bang-bing-bong."

De mensen ontploffen hartstochtelijk levendig.
Zij staan op de banken van de kerk.
Stampen met hun voeten.
Klokken, orgel, deuren, vensterglas,
alles wordt beslagen en bespeeld.
In één ritme.
In eensgezinde opgewonden kreten:
Bong-bong-bong. Bang-bing-bong.
Bong-bong-bong. Bang-bing-bong.

"Liefde moeten we eren.
Liefde in het struikgewas.
Liefde in de winkel van de Arabier.
Liefde op het plein achter de kerk.
Die liefde verenigd en tra-la-la.
Tra-la-la. La-la-la. Tra-la-la.
Als het gras
moeten we goed groeien
in eenheid en liefde.
Laten we het zelf vernietigen. 📌
Laten we schuilen onder het grasdak.
Als ons kompas:
Tra-la-la. La-la-la. Tra-la-la."
De volle kerk dondert.
Zij beginnen te dansen. Volgen één ritme.
Zij jutten elkaars lichamen op.
Man met vrouw, Man met man.
Vrouw met vrouw.
Elkaar opstokend
En er zijn er ook die hun lichaam opwrijven tegen de stenen muur van de kerk.
En met een vreemd huiveringwekkend geluid
gillen zij opeens met z'n allen:
Tra-la-la. Tra-la-la. La-la-la. Tra-la-la.

"Vrede zij met de profeet Mozes de heilige
God zei al:
Gij zult niet stelen.
De kleine ambtenaar moet geen carbonpapier stelen.
De baboes moeten geen kippenbotten stelen.
De chef's moeten geen benzine stelen.
En meisje steel geen eigen versiering.
Zeker, wat steelt en dat steelt is verschillend. 📌
Het betekent: Tsja-Tsja-Tsja, tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja, tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Allemaal stuks van God.
Dat we samen moeten verdelen.
Alles is voor iedereen.
Allen voor allen.
We moeten één zijn. Ons voor ons.
tsja-tsja-tsja, tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja, tsja-tsja-tsja.
Dit is de richting."

Zoals het dier in de mens juicht:
Grr-grr-grr hoera.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Slopen zij de vensterluiken.
Nemen zij alles uit de kerk.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Kandelaars. Gordijnen. Eretekens. Het zilver. En beelden versierd met edelstenen
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja ,
zo beloven zij.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja,
wordt herhaaldelijk uitgeroepen.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
De hele kerk valt uit elkaar.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Beesten die vochtig verdorren en snel 📌
hun ademhaling
rennen overal heen.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.

Dan is plots gesnerp gegil van een oude vrouw te horen:
Ik heb honger. Hongeeeer."
Plotseling voelen ze zich ook allemaal hongerig.
Hun ogen schitteren.
En zij blijven roepen tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
"Omdat de honger is begonnen
laten we uiteengaan.
Kom, ga uiteen. Iedereen hou op."

tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. zeggen ze
en hun ogen schitteren.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
"We gaan uiteen.
De ceremonie en dienst is voorbij."

tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. Zeggen ze.
Ze houden niet op. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Ze dringen op. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
De kerk vernield. En hun ogen schitteren.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.

"God beware. Herinner het lijden van Christus.
Wij allen zijn zijn heerlijke kinderen.
De honger moet opgelost worden met beleid."
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.

Het lukt ze de kansel over te nemen.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Zij sleuren de priester van de kansel.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Zij verscheuren zijn gewaad.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Een dikke vrouw zoent zijn mooie mond.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Een oude vrouw likt zijn schone borst.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
En meisjes trekken aan zijn beide voeten.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Zo verkrachten de vrouwen hem
in grote getale.
tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Dan wordt zijn lichaam aan stukken gehakt. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Allen eten zijn vlees. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Met een sterke eenheid vieren zij feest. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Zij drinken zijn bloed. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Zij zuigen het merg uit zijn rug. tsja-tsja-tsja. tsja-tsja-tsja.
Hij wordt helemaal opgegeten.
Er blijft niets meer over.
Fantastisch.